Aanleiding van het onderzoek was dat de examencijfers voor het voortgezet onderwijs in de vier grote steden. Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Den Haag lager liggen dan elders. Dit geldt voor zowel allochtone als autochtone leerlingen. Havo- en vwo-leerlingen doen het het slechtst. Rotterdam scoort zelfs 70% lager dan het landelijk gemmiddelde. Opvallend is dat vooral de allochtone leerlingen beter scoren bij een schoolonderzoek dan bij het centraal schriftelijk examen. Onderzoek naar taalproblemen in Amsterdam liet zien dat daar ook problemen werden vermoed voor wat betreft taal. In de herfst van 2003 is bij zeven scholen met een havo/vwo-locatie een onderzoek gedaan naar de taalvaardigheid van de tweede-fase-leerlingen. Het betrof een steekproef. Op de scholen werden de leerlingen uit havo 3 en 4 én de leerlingen uit vwo 4 en 5 onderzocht. Het ging hierbij om 1500 leerlingen. De gebruikte instrumenten waren: - toets leesvaardigheid (cito): dit zijn toetsen waarmee de leerlingen gedurende hun hele carrière in de tweede fase gevolgd kunnen worden; - toets woordenschat (een experimentele toets, die voor dit onderzoek ontwikkeld is); - de inschatting van de leerling van zijn of haar eigen taalvaardigheid. Onderzoeksresultaten - Bij het schrijven hebben de leerlingen moeite met herinneren wat er precies allemaal staat. - Bij luisteren hebben de leerlingen moeite met interpreteren. - Als leerlingen uitleg geven, is het vaak nog maar de vraag of de docent precies begrijpt wat ze bedoelen. Conclusies - Rotterdamse leerlingen scoren laag op taalvaardigheid. - Meer onderzoek is nodig om vast te stellen of er verhoudingsgewijs meer autochtone leerlingen in bovenbouw havo/vwo zitten. - De experimentele woordenschattoets blijkt goed te werken. - Autochtone leerlingen doen het over het algemeen beter dan allochtone. - Bij het vervolgonderzoek is het nodig ook het studiegedrag van de leerlingen erbij betrekken; andere scholen uit het land kunnen tegen vergoeding deelnemen aan het vervolgonderzoek - Vroegtijdige aanpak van taalproblemen zou bevorderd moeten worden. 13 mei 2004