Niet kunstmatig, maar doelmatig
René Leverink spreekt met Monique van de Laarschot over taal in het praktijkboek voor de foodsector. Uit: de Taalkrant 1/1, december 2002, p. 10-11

Monique van de Laarschot werkt bij CENTO, Centrum voor Onderwijsontwikkeling (onderdeel van Hogeschool van Utrecht). Deze organisatie is aangesloten bij het Platform Taalgericht Vakonderwijs. In opdracht van SVO, het opleidingsinstituut voor de foodsector, beoordeelde Monique de eerste versie van het praktijkboek voor de leerwerktrajecten op de taalaspecten.

Het materiaal was geschreven door Ton Oosterveer van SVO. Hij maakte graag van de diensten van het Platform Taalgericht Vakonderwijs gebruik, aldus Monique. "Ton Oosterveer is zich zeer bewust van de belangrijke rol die taal speelt in een leerwerktraject. Ook zag hij in dat het goed is om het materiaal voor te leggen aan iemand die eigenlijk een leek is op dit vakgebied. Dat zijn de betreffende leerlingen immers ook."

Zowel het taalgebruik als de didactische uitwerking van het praktijkboek werden door Monique onder de loep genomen. "Hier en daar hebben we de opdrachten actiever gemaakt. Het SVO is gewend aan het ROC-niveau. De leerlingen in de leerwerktracten moet je op een iets andere manier aanspreken en aansporen. Op het vmbo wordt steeds meer gewerkt met het vut-model. De leerlingen denken eerst na over het onderwerp. Wat weten ze er al van of wat vinden ze ervan. Op die manier wordt de denk- en taalontwikkeling gestimuleerd en wordt het makkelijker om de opdracht te gaan maken. Na het uitvoeren wordt dan nog eens teruggekeken. Die opzet zit nu ook in het slagerspraktijkboek."

Verder lette Monique op de lengte van de teksten, of ze wel to-the-point waren en of er geen overbodigheden in stonden.

Kan een leerwerktraject een gunstige invloed hebben op de taalontwikkeling van de leerling? "Jazeker. In het leerwerkbedrijf komt de leerling in allerlei situaties waarin hij nou eens écht taal kan gebruiken. Niet kúnstmatig, maar doelmatig. En dat kun je dan heel goed voorbereiden en evaluaren in het leslokaal. Het zou heel mooi zijn als leerwerktrajecten ook vanuit die optiek bekeken werden. Naast de inhoudelijke functie hebben ze ook een rol in het aanleren van algemene vaardigheden zoals taalgebruik."

"Als stagiair in een slagerij of een vleesverwerkend bedrijf werk je met voedingsmiddelen. Dat betekent dat de producten waarmee je in aanraking komt op een bepaald moment door iemand worden opgegeten. Als die producten niet zorgvuldig en hygiënisch zijn bewerkt, kan de consument er ziek van worden."

Deze alinea stond in het eerste concept van het praktijkboekje ‘Leren en werken’. Na herziening door Monique van de Laarschot werd het:

"In een ziekenhuis is hygiëne erg belangrijk. Ook de slager moet op de hygiëne letten. Als de slager de vleesproducten niet zorgvuldig en hygiënisch bewerkt, kan de consument er ziek van worden."